home

B&G

  • B&G
  • kinderen
  • kleinkinderen

auto

  • TOY
  • BusCA
  • TOY in 't zand
  • toyota hzj78
  • hzj extreem
  • ons bussie
  • keuze toyota

voorbereiding

  • website
  • kamperen
  • gezondheid
  • documenten
  • proviand
  • gereedschap
  • kaarten en boeken
  • apparatuur
  • gps

FAQ

  • algemeen
  • tips
  • bandenspanning
  • afrika
  • rusland/mongoliĆ«
  • australiĆ«

reizen

gastenboek

  • lezen
  • toevoegen
BusCA holiday trips 2011 + 2019
::
2011 italy 3
  • algemeen
  • 2011 italy 1
  • 2011 italy 2
  • 2011 italy 3
  • 2019 italy greece
::
reisverslag
BusCA holiday trips 2011 + 2019 :: 2011 italy 3 :: reisverslag

Zondag, 20 november 2011 – ZONdag, afscheid en eucalyptusbomen

 

Heerlijk warm en zonnig is het. Het vertrekritueel is snel gedaan en na een afscheidsbakkie met de buren (de AA’s) vertrekken we eind van de ochtend. De kust en de slingerende weg zijn prachtig. Links onder ons is de blauwe Mediterranee. En rechts zijn we in gezelschap van de hoger in de bergen gelegen Autostrada, die een tunnel induikt of op hoge poten het dal over steekt.
We vinden een restaurant. Twee echtparen zitten er verveeld aan goed uitziende gerechten. Signora Maria blijkt Frau Antje. Dus verruilen we “ons” Italiaans schielijk voor Duits.

Het vervolg van de route blijft onveranderd mooi. We zien de Lipurische eilanden opdoemen voor de kust en op een rotstop een indrukwekkend kloostercomplex en de kerk met de Zwarte Madonna.
Ook vandaag zagen we weer vaak beelden van de norskijkende Padre Pio met de vingerloze handschoenen. Op het internet lazen we o.a., dat hij die droeg vanwege de stigmata (wonden aan handen en voeten van de gekruisigde Jezus). Hij komt uit het zuiden van Italië en is een giga-idool in deze streken.

Tegen vijven staan we op camping Marinello onder strak aangeplante eucalyptusbomen, die de afscheiding vormen tussen de kampeerplekken. We treffen een groepje Duitsers-aan-het-bier en een joviale Engelsman.
Op het internet updaten we onszelf met de Ajax-perikelen, eten soep, lezen en duiken rond middernacht onder het dons. Geen zeegeruis horen we, maar het geluid van de snelweg. Da’s wel even wennen.

 

Maandag, 21 november 2011 - Vaste grond onder de voeten


Na het opgieten van de koffie en alles wat daarbij hoort, vervolgen we de route. De heldere lucht en de azuurblauwe zee steken prachtig af tegen de groen beklede rotskust. En wat jammer is het, dat dat alles ontsierd wordt door groeiende bergen vuilnis…


 

 

Midden in een stadje is er dat kleine maar zeer hedendaagse retaurantje. Paars is de bedrijfskleur en strak is het ook nog eens. De spaghetti soglio wil d’r bij G weer helemaal in, net als de orate, al is die vandaag gefileerd. Mijn liefje is daarmee niet heel blij. Fileren wil hij zelluf doen! Ik houd het bij antipasta (een schotel met allerlei).

Niet veel verder slaan we af om de punt van de kaap af te snijden op weg naar Messina. Dit is een van drie kapen van het eiland. Sicilië wordt vaak verbeeld als een zonnig vrouwengezicht met drie benen, t.w. de drie kapen, in een ietwat krampachtige pose rondom.
De weg stijgt snel en prompt belanden we in laaghangende bewolking in prachtig beboste bergen.

Na het kopen van de tickets rijden we regelrecht de veerboot in en twee tellen later varen we! Het is veel minder zonnig inmiddels en het blauw van de Middellandse Zee is verkleurd naar grauw.

Een half uur later zetten we op het vasteland koers naar het noorden. De kust is steil en grillig. De weg kronkelt mee op hoogte. Prachtige uitzichten hebben we over zee, baaitjes en oude stadjes die op ogenschijnlijk onbereikbare plekken liggen.
Scilla is zo’n plaatsje. Via bochtige smalle straatjes rijden we onderlangs de wand . Het loopt dood bij een kleine haven. Cirkelend komen we vervolgens midden in het oude stadje boven op de klif in de drukte van een begrafenis terecht. Talloze auto’s staan geparkeerd langs de smalle straat. Het ziet zwart van de mensen. Mannen voornamelijk. Dit is weer zo’n situatie, dat wij ons gelukkig prijzen met onze relatief kleine BusCAmper!

De weg leidt verder omhoog naar een plateau. Het wordt tijd voor een overnachtingsplek. We slaan af op een klein weggetje voor een wildbivak en dan is er die verwijzing naar een camping. In het halfdonker komen we terecht bij een Villagio/Camping. De poort is open en er is plek voor ons. Een douche kunnen we vergeten. Maar met zaklamp en enig doorzettingsvermogen is er wel een wc vind- en bruikbaar! 
De huisjes worden bezet door noeste werkmannen. Misschien zijn zij het, die werken aan de verbreding van de S113, die volop gaande is, mijmeren we. We treffen ze in het sobere campingrestaurant met verbazingwekkend goed eten.
Keurig horizonaal staan we onder de bomen, die de hele nacht door eikels, takjes en blad op BusCA laten vallen. Dat zijn toch weer eens hele andere nachtelijke geluiden!

 

Dinsdag, 22 november 2011 - Tropea

 

Zo donker is onze sosta (p-plek) door bomen en grijze luchten, dat we pas om half negen wakker worden. Na een lekker lang ontbijt rijden we om elf uur weg. Onderweg pikt de iBet eindelijk weer TIM(=provider)-signaal op. Zwakjes, maar we kunnen er de light-versie van de VK mee binnen halen.
In een supermarkt schaffen we een paar noodzakelijkheden aan en verder gaat het door een grijze miezerregen. De weg loopt over een vlakte naar de volgende hooggelegen kaap. Op een mooi uitzichtpunt drinken we koffie, chatten (Bas!) en mailen we en lezen de krant.
Het uizicht op de kustlijn met zandstranden en rotsige uitstekende punten en in de verte Sicilië is er een in allerlei grijstinten. Het heeft een geheel eigen schoonheid, maar hoe anders zal het zijn op een zonnige dag!
Het regent inmiddels veel harder. Tropea, een schilderachtige rotsstadje, is vergeven van de Pizzeria’s en Trattoria’s. Midden in het centrum vinden we rond half drie het enige restaurant dat open is. Drie Engelsen en twee Maltezers met een Italiaanse klant doen zich tegoed aan lekker eten. Het is gezellig en warm rond de kachel. G weet zich toegang tot de keuken van het kleine familiebedrijfje te verschaffen. We eten pasta en de kok/eigenaar belooft G een dorade, of twee, klaar te maken op elke gewenste manier, als we vanavond weer komen eten.

Om vier uur, half vijf gaan de meeste winkels weer open (is het raar dat het met de Italiaanse economie niet lukken wil?) en kunnen we de gieg’s regelen. Dat gaat niet helemaal zoals het moet en we denken, dat we morgen weer terug moeten!  
Onderaan de rotswand bij een kleine boulevard aan het strand is een fraaie parkeerplaats. Daar zetten we de BusCA-neus in de zeewind en gaan we de gieg’s uitproberen. Na DWDD en P&W blijken de giegjes op. Daar zat TIM toch even fout! 
We eten suddervlees met broccoli en lezen. Nu en dan regent het en rustig ruist de zee. Mooi toch?

 

Woensdag, 23 november 2011 - TIM en Hangloose

 

We wennen eraan. Ook dit is een plek waar wandelaars (al dan niet met hond) en joggers de dag beginnen. Op naar het centrum. Het TIM-verhaal samengevat: veel tijd, extra geld en voorlopig weer genoeg gieg’s. Het stadje hebben we inmiddels toerend en wandelend voldoende verkend.
We rijden verder langs de kaap. In Pizzo, ook weer zo’n oud stadje op een in zee uitstekende rotspunt, eten we een klein happie.
Omdat we toe zijn aan een douche, gaan we daarnaar op zoek. Na een oversteek van een kilometer of veertig vlakke kust met landbouw alom, vinden we HanglooseBeach bij Grazzeria Lido. En hangloose kunnen we wel gebruiken na de opwinding bij en over TIM. En Yes! Hij is open en heeft een goeie warme douche. Dat vergoedt de ietwat rommelige plek, die vooral voor surfers bedoeld lijkt. 
Het is drie uur, zonnig en de zee ligt breeduit blauw te wezen vlak voor onze snufferd. Lekker in de zon dus, dutten, lezen, schrijven…
Behalve de oude Bulgaarse beheerder is er niemand. Nou ja,op een horde honden na, die ons wel interessant vindt. Wij hen een stuk minder!

Rustige avond met supersinterklaasfoto’s van de jongste drie (Joey, Olivia, Zoë) en via Uitzending Gemist raken weer bij met het kleine en grote nieuws. Oh ja, van ons Appelvrouwtje vernemen we van de modderstromen bij Messina. Twee dagen nadat wij er waren!
Het is heerlijk inslapen op de geluidsgolven van de zee.

 

Donderdag, 24 november 2011 - Shirley jarig

 

Zonnig is het! We hebben geen haast om te vertrekken. Vandaag rijden we een stuk door de bergen over de doorgaande weg die omgebouwd wordt naar vier banen. G’s weg-en-water-bouw-hartje klopt regelmatig op volle toeren bij het zien van al de technische hoogstandjes, die daarbij nodig zijn.
De zon verdwijnt als we zo’n 600 m hoog zitten. Vanaf de weg hebben we prachtige uitzichten op bergen en dalen met bossen in gouden herfstkleuren. Bij de afdaling richting kust komen daar ook nog eens doorkijkjes naar het blauw van de zee bij.

Het is twee uur als we ons geïnstalleerd hebben op area sosta camper Lido Tropical bij Diamante. Op de pal aan het strand gelegen camping staan drie campers onder frêle boompjes. We hebben uitzicht op een eilandje en op dorpjes, links en rechts aan de uiteinden van de baai. 


 

We genieten van de zon en een BusCA-lunch. En hoe warm het ook is, de temperatuur daalt net zo snel als de zon naar de horizon zakt. Na de prachtige zonsondergang trekken we de schuifdeur dicht en maken we het ons gezellig.
Eten pasta en bellen met de jarige. Mirre meldt zich voor een chat en we genieten dat we zo met onze oudste kleindochter kunnen communiceren. Het aan Shirley beloofde drankgelag wordt aangericht, ter ere van haar en van onszelf. Veel te laat gaan we slapen. En steeds is daar de zee en soms het geluid van een passerend treintje.

 

Vrijdag, 25 november 2011 - Laatste Zon-&-Zee-dag

 

We blijven een dag langer. Nog even genieten van een zomerse dag aan zee. Immers, van hier zijn we in een paar uur in Pompeji en dan belanden we in andere sferen en weren. Verwachten we.
Zonnig ontbijtje, strandwandeling naar mooi Diamante, lekkere cappuccino’s met fraai uitzicht, BusCA-lunch, dutje in de zon, weer een prachtige zonsondergang, kneuterig knus in bus… Zo’n dag dus!

 

Zaterdag, 26 november 2011 - Pompeji


Vanaf de prachtig kustweg duiken we de bergen van het binnenland in. Aanvankelijk nog over een mooie provinciale weg en dan verder noordwaarts op de Autostrada om via Cosenza all the way naar Pompeji te rijden. We genieten van uitzichten op bergen en bergdorpjes, de herfstkleuren, de hoge viaducten en tunnels in soorten en maten.

Om nog enigszins op tijd aan te komen, leggen we de 300 km zonder pauze af. Pas als we het meer verstedelijkt gebied aan de kust bereiken, vinden we een eetgelegenheid. Een wegrestaurant nog wel, de Autogrill. Tja, soms moet je culinair concessies doen. Dit is er zo een, denken we. Maar de entrecote is best goed!

Tegen vier uur staan we, met een andere camper, onder en tussen de sinaasappelboompjes op camping Zeus op 50 meter van de Porte Marina, de ingang naar het antieke Pompeji. Verkeersgeruis op afstand, een trein nu en dan. We genieten nog net van de laatste zonnestralen.
En dan is het dweilen geblazen. Vanmorgen hadden we de watertank nokkie vol getapt. Geen probleem op zich, maar wel als de dop daarna los trilt. Dan wordt het boeltje (in de bank) nat. Het boeltje, dat is de voorraad wijn en olijfolies die we daar hebben opgeslagen. Gelukkig goed ingepakt in karton en een badlaken. Dat scheelt.

Na wat rustige binnens-BusCA’s-dingen bewandelen we de omgeving. Met het licht verdwijnt alles van straat: de kraampjes en de mensen. We eten een pizza (culinair dieptepuntje!) en bekijken de andere campings die aan een drukke straat liggen. Niet zomaar een straat, maar met grote stenen verhard. Een passerende auto geeft zodoende een hoop lawaai.
Onze citruscamping ligt een heel stuk rustiger en pal naast Pompeji, dè toeristische attractie van Italië (2,5 miljoen bezoekers per jaar). In onze knusse bus zijn we ons dat zeer bewust.
En dan ook nog een sinaasappelnacht …!

 

Zondag, 27 november 2011 - Gestolde Geschiedenis

 

Na een zonnig zondagsontbijtje met zachtgekookt eitje staan we om half tien aan de poort van het antieke Pompeji! In 79 n. C. werd de stad door een uitbarsting van de Vesuvius in 12 uur tijd bedolven onder 6 m as en puin. De lava en de giftige gassen die de volgende dag de stad bereikten, maakte een eind aan al het nog resterende leven. Hoewel de meeste van de 20.000 inwoners waren gevlucht vonden toch nog 2.000 mensen de dood. 17 Jaar voor deze fatale uitbarsting was Pompeji al voor een deel verwoest door een grote aardbeving. 
In de 18e eeuw werd een begin gemaakt met de opgravingen. Aanvankelijk door schatzoekers en pas rond het begin van de 19e eeuw door archeologen.
Het westelijke deel van de stad is na twee eeuwen graven onttrokken aan de vergetelheid. Het oostelijke deel ligt nog altijd onder de eertijds door de Vesuvius uitgespuwde lagen.

Ik heb, op vertoon van mijn paspoort (het is me niet aan te zien, toch?) vrij toegang. G moet betalen voor zijn jonkheid. We hebben een boekje gekocht met een genummerde rondwandeling. De vertaling is gedaan door een Italiaanse en is abominabel slecht. Evengoed vinden we onze weg en (meer dan) voldoende informatie.


De straten zijn schitterend. Geplaveid met grote stenen waarin de uitgesleten sporen van de wagens te zien zijn. Oversteekstenen voor voetgangers en de trottoirs, waar hier en daar nog de oorspronkelijke bestrating met kleine steentjes te zien is.
Een opsomming van alles wat er te zien is voert te ver. Maar we zijn erg onder de indruk van het Huis der Mysteriën, de wandschilderingen, de bouwtechniek, de mozaïeken. En er zijn de gewone alledaagse dingen (maalstenen en ovens in de bakkerijen, stenen toonbanken van winkels, wasserijen, de termen (badhuizen) en de waterspuwers op kruispunten van straten. De hedendaagse kraantjes die erin geschroefd zijn, werken op onze lachspieren. Nieuwe kranen in ouwe koppen, zogezegd.

 

 

Een paar bijzondere huizen zijn gesloten vanwege werkzaamheden. Jammer, maar restauratie is erg nodig om dit bijzondere erfgoed veilig te stellen.

We ervaren een groot verschil met andere antieke (Romeinse) steden. Je loopt rond in een stad waar het leven van het ene op het andere moment tot stilstand kwam. Letterlijk werden de mensen overvallen door as en lava. De gipsen afgietsels van de mensen die een (gruwelijke) dood stierven, laten dat treffend zien. Letterlijk gestolde geschiedenis. 

We wandelen heel wat af over de ruwe stenen, slechts onderbroken voor een prima happie in het enige restaurant op het terrein. Het badhuis buiten de stadsmuur (Terme Suburbane) kan alleen bezocht worden na reservering via het internet. Kunnen we dus regelen voor morgen, als we de rest van de stad willen gaan bekijken.

Moe en voldaan, zoals dat heet, keren we terug naar onze citrusgaard, waar we vier nieuwe buren-campers aantreffen. Koppie thee, voetjes in ruststand en genieten van de laatste zon en van een telefonade met YenY (en de rest van de family). Spaghetti, wijntje, Nespresso, reservering regelen, lezen, e-mailen, schrijven en weer gaat een BusCA-avond over in een BusCA-Bedstee-nacht!

 

Maandag, 28 november 2011 - Antieke bordelen, gladiatoren en vluchtelingen

 

Om tien uur melden we ons met de reservering voor het terme suburbane. We hadden er meer schilderingen verwacht. Maar het is mooi gerestaureerd, het kan er weer een poosje tegen.
Om half drie is het eindelijk zover dat onze benen en voeten rust krijgen in het resto. Al die tijd hebben we rond gesjouwd.
We bekeken alles tussen de Marina Poort en het Amphitheater. En da’s heel wat! Zo was er het bordeel. Boven de deurposten van de peeskamertjes zijn nog steeds de schilderingen zichtbaar, die de behoeftige clientèle duidelijk moest maken wat de specialiteit van de bewuste dame was. Kleine kamertjes zijn het met een gemetseld ledikant. Er zal vast een heerlijk zacht matras op gelegen hebben. Ook in de diverse badhuizen (termen) zijn onverhulde verwijzingen naar sex (-uele standjes) te vinden. Liefde en sex was een vrij open thema kennelijk. Zo zijn er in de stad op veel plekken graffiti van verliefde jongemannen aangetroffen waarin ze hun liefje verheerlijken. Zoiets als de teksten die je bij ons soms op viaducten ziet.

Weer zien we veel “toonbanken” van restaurantjes. Tegenover een groot gebouw (in restauratie) wat een soort hotel was, is een hele grote, nog goed intact.

 

 

We zien tuinen met kanaaltjes, oude wijngaarden, het grote theater (voor muziek) en het kleine (voor declamatie), het amfitheater (20.000 toeschouwers voor de gladiatorengevechten), sportcomplexen….
Er is een bedrijfsruimte, waar wol en weefsels gewassen, geverfd en gebleekt (met urine, ingezameld in de stad) werden, de necropolis (kerkhof), de straten. Indrukwekkend is ook de “tuin van de vluchtelingen”. Nog niet zo lang geleden vond met er de resten van 13 mensen die op hun vlucht richting zee ingehaald zijn door de dood. Het vertelt het verhaal van die fatale dagen tot in het merg

 

 

 

De lucht is de hele dag strakblauw en er zijn veel minder mensen dan gisteren. Het is goed rusten na zo’n dag. De Canadese buurman komt opgewonden vertellen, dat er in zijn camper is ingebroken toen hij verderop boodschappen ging doen. Weg zijn iPad en winterjas.
 
Hoewel het de hele dag heerlijk warm is in de zon, worden de avonden steeds een beetje kouder. Ook vanavond doen we de kachel aan. Lekker is de pasta en salade. Met onze favoriete muziek op de BusCA-boxen lezen we verder over Pompeji (reisgids en internet) tot het bedtijd is.

 

Dinsdag, 29 november 2011 – De explosieve boosdoener

 

Na een heerlijk hete douche, dito koffie en oud brood zitten we vlot op de Autostrada om de vierde taxi (=afrit) te nemen voor een Vesuviustoer. De weg kronkelt naar ongeveer 1.000 meter. De heiigheid belemmert het uitzicht op zee en Napels. Jammer. Na de koffie om elf uur (ja, ja) wandelen we de laatste 200 meter naar de krater. Een gids geeft een gedetailleerd en technisch college over de grote boze berg in Italiaanserig Engels.
Afijn, de Vesuvius dus. Een explosieve vulkaan is dat. Onder de vulkaan is een magmameer en soms wordt er zoveel druk opgebouwd dat de “stop” van de krater wordt gelanceerd. Ongeveer zoals de kurk van een champagnefles nadat je ermee geschud hebt. De stop bestaat uit vele vele kuubs materiaal dat tot 20 km de lucht in wordt geblazen. Om vervolgens terug te “regenen” op aarde, en daarna is de weg gebaand voor vuur, lava, modderstromen, giftige stoomwolken. Met alle gevolgen van dien. Onze David vergelijkt het met een atoombom.
Hij heeft een gevaarlijke baan, vindt hij. Want vanaf de eerste tekenen kan een explosie binnen een uur volgen.

Het is indrukwekkend om in de diepte van de krater te kunnen kijken. Na iedere uitbarsting wordt de rand van de krater hoger en in de wand zijn die lijnen goed te zien. De laatste dateert van 1944, de Vesuvius was daarna 200 m hoger.

 

 

Op de terugweg botsen we bijna op hijgende Ina&Frank (ontmoet op Sicilië). Klein (reis-) wereldje toch!
BusCA zigzagt ons weer netjes naar beneden, en wel naar Herculaneum (nu Ercolano). Door dezelfde uitbarsting die Pompeji bedolf, werd dit kleine stadje verslonden. Door een enorme lava-modderstroom en een latere uitbarsting lag het uiteindelijk begraven onder een laag van 10 tot 20 m vulkanisch materiaal. Ook hier is men inmiddels een paar eeuwen aan het opgraven.

 

Heel bijzonder is het om via een tunnel naar beneden te lopen naar het uitgegraven stadje. Je komt aan op het strand, Dat is, wat het strand was voor de uitbarsting. De lava heeft hier de kustlijn een heel eind verlegd. Zoals Herculaneum daar ligt, in een bouwput a.h.w., lijkt het heel erg op de rotspuntstadjes, die we eerder beschreven. Er is een kade zichtbaar en een talud waar ooit de vissers naar hun bootjes liepen. Waar eerst de zee was, ligt nu meters hoger een hedendaagse stad.

Herculaneum maakt op ons minder indruk dan Pompeji. Wel zijn hier verdiepingen en dus daken en plafonds in takt gebleven. Verder zijn ook hier dezelfde (smallere) straten van grote stenen, de stoepen, bakkerijen, restaurantjes, waterspuwers. Het badhuis is mooi en het mozaïek Neptunus en Apohrodite is schitterend en nauwelijks beschadigd. Heel bijzonder is het, dat hout (steunbalken, fachwerk) de vulkaanaanval en de tijd overleefd heeft. Geschroeid hier en daar, maar toch!

 

We doen nog een koffietje bij de Pizzeria/Pannetaria, waar we als lunch salade en pizza (4 frommagio, maar dan Napolitaans, dat is: “wit”, zonder tomaat) en waar BusCA geparkeerd was.
Gezien de tijd en de plannen voor morgen, rijden we terug naar onze cirtruscamping Zeus.
Zo, de dag kan verwerkt worden. We eten een volle soep met veel verse groenten en brood. Wijntje erbij natuurlijk. De kachel hoeft vanavond niet aan. En onder de wol is het al helemaal lekker warm! 

 

Woensdag, 30 november 2011 - Amalfitana en dan Napels nog maar ff niet zien

 

Een heerlijk zonnetje wekt ons. Het blijft een feestje om zo de dag te kunnen beginnen! Vandaag willen we een tocht maken langs de Sorrento- en Amalfikust. M.n. het laatste is een must (volgens het boekje).
Boven Napels en de verstedelijkte vlakte hangt een koepel van smog. Het is ook weer heiig, wat de uitzichten een nogal belemmert. De noord- (of Sorrento-) kust is bij lange na niet zo indrukwekkend als de Amalfikust aan de zuidkant van het schiereiland.


Enorme ruige rotswanden, baaitjes en wonderlijk tegen de wand aangebouwde stadjes. Het meest bijzondere is Positano. De niet al te brede weg slingert er doorheen en dat is tegelijk de enige plek, waar de bewoners hun auto’s kunnen parkeren. We begrijpen heel goed, dat vrachtwagens en grote campers geweerd worden. Vanaf de weg bereiken bewoners hun huizen via (zigzag-) trapjes naar beneden langs de helling of naar boven.
Oeps, Positano viert vandaag het feest van de Heilige Andrea. En dat geeft me een drukte. In het centrum, bij kleine boulevard ziet het zwart van de mensen. De weg versmalt zich nog meer en alleen met het nodige geduld en stuurmanskunst komen we verder. Laat staan dat parkeren mogelijk is.

In een klein dorpje verderop vinden we rust en parkeerruimte en een op het oog simpel restaurantje. Gelukkig, het is al half drie. Maar, wat is het genieten. Heerlijk in de zon op een terrasje, tafeltjes bezet, Antonio de aardige ober en lekker eten. Limoncello is de regionale trots. We krijgen het als afterdinners drankje en we kopen een paar kloeke flessen voor thuis.
Dan is het hoogtijd om door te stomen naar een camping ten noorden van Napels. In het pikkedonker komen we er aan. En het is koud. Van Napoli zagen we down town in de verte (samenscholende  wolkenkrabbers) en druk verkeer rondom. De mooiigheden van deze oude stad bewaren we voor een volgende Italiaanse uitstap.

 

Op de camping is te ruiken, dat we pal naast een oude krater zitten. Voorlopig blinderen we en blaast de kachel zachtjes de temperatuur naar een aangename hoogte. Een simpel hapje volstaat. TIM weet ons niet te vinden (dus geen DWDD, P&W, e-mail, chat, surf…!) Genoeg te lezen hebben we wel en muziek. Heerlijk. En dan zijn er nog van die bijzondere dagen: ik lig als eerste in bed!

 

Donderdag, 1 december 2011 - Trouwdag!

 

Dat is me toch feestelijk wakker worden vandaag. G dut nog even uit en ik ga op weg naar de douche. Mooi staat BusCA in het ochtendzonnetje met op de achtergrond de wand van de krater. Stoom ontsnapt her en der en laat een gelig spoor van zwavel achter.
De sauna is een “natuurlijk stoombad”, meldt de camping Direzione niet zonder trots. Een houten hokje is boven een stoombron gebouwd. Daar kun je dus in toeven voordat het hokje op haar beurt de dampen door de kieren laat verdwijnen. Als je je over geeft aan een dergelijk bad, moet je wel van de geur van rotte eieren houden. De douche is (ook) prima!

 

Langs de kust rijden we een van de vele wegen die naar Rome leiden. Het eerste deel is vlak en dus wordt er landbouw gepleegd. Kwekers, telers, boeren prijzen langs de weg hun producten aan. Zo is er bijvoorbeeld overal de Mozzarella di Buffala te koop. De stranden, waarvan we glimpen opvangen, moeten mooi zijn gezien de grote hoeveelheden campings, hotels en huisjesterreinen.

Ter ere van onze dag vinden en kiezen we een chic restaurant. Het is keurig aangekleed, met waardige obers, net publiek en een mooie kaart. En er zijn dorades! Jammer voor G, dat de gerand zo voorkomend is, dat hij de vis voor G fileert. Mijn gamba’s blijken kleine kreeftjes. Heerlijk allemaal. Tussendoor is er chatcontact met Bas, die feestelijk meeleeft.

Vanaf Gaeta is de route prachtig. De weg volgt de grillige rotskust, langs de flanken en door tunneltjes. Tot we meer landinwaarts redelijk vlot op Rome aan koersen. De (grote) rondweg is, zo om een uur of vijf, best rustig. In ieder geval in de richting die wij gaan. We veranderen ons plan en besluiten de Autostrada naar Florence te nemen (i.p.v. de kust te volgen).
Maar eerst een nachtverblijf! Gids weet een Agriturisme, stukje ten noorden van Rome. Navigeren op waypoints, op adres, routebeschrijving nog eens volgen, vragen … we vinden niet wat we zoeken.
De weg, waar de boerderij zou moeten zijn, loopt dood op een hermetisch gesloten hek van een klooster. Op de grote hekpalen staat: Domus Fraterna. Dat en de waarneming in het halfduister van een kloosterachtig gebouw en een fraai verlichte kerstster, doet ons besluiten dat we hier met een paterklooster van doen hebben.
Tweehonderd meter terug is een landbouw hek open blijven staan naar een veld. En daar zijn wij zeer tevreden mee.

 

Een (tegenvallende) soep en een broodje ei is onze feestelijke avonddis. Ondertussen komen er een stuk of tien auto’s naar het “klooster” gereden. Enkelen rijden later weer terug. Die waarneming zet de paterklooster conclusie behoorlijk op losse schroeven en we geven ons over aan speculaties. Allerlei en wilde ook nog.

TIM is er maar nauwelijks waarneembaar door onze apparaten (iBet en iPhone). Het televisiethuisland is aldus onbereikbaar. Niet dat het erg is, want onze muziek is daar en er is genoeg te lezen, te schrijven en te doen. Het glas heffen bijvoorbeeld…!

 

Vrijdag, 2 december 2011 - Domus Fraterna


 

Ontbijtraadseltjes. Ook vanmorgen rijden er auto’s richting Domus. En wel zoveel, dat we de paterklooster-theorie helemaal moeten laten vallen. Zeker als we kinderen op achterbanken ontdekken. Een internaat? Maar wel raar, dat de kids dan juist op vrijdag gebracht worden. En het zijn kleine en heel gewone wagentjes..Twee volle bussen arriveren. Het grote schuifhek gaat voortdurend open. En weer dicht. De bussen keren niet terug.
We zijn er maar druk mee. Is hier een weekend-school voor getalenteerde kids (sport, muziek, toneel), of toch een kostschool die weer begint na een vakantie. Niemand om het te vragen en geen doorslaggevend bewijs voor een van de hypotheses!


De omgeving is mooi. Golvend landschap met haagjes en boerderijtjes. Hier en daar een groot landhuis. Doet erg aan Engeland denken. (Mmm, en die kostschoolgedachte is misschien niet eens zo gek!)

Op de Autostrada is na een kleine stuwing bij de afrit naar Roma Centro ruim baan voor ons. Vertrouwd is het om weer eens zoveel kilometers te maken. Hee, daar doemt voor ons de Chausson van Ina & Frank op. 
Koffiedrinken doen we al rijdend. Voor de lunch en andere noodzakelijkheden rijden we een P op. En jawel, niet veel later staan Ina & Frank voor onze neus. Tijdens een gezamenlijk broodje kletsen we de wederwaardigheden bij. En weer nemen we afscheid.

Ten noorden van Florence vinden we een camperplek. Een vierkant terrein met gravel. Er staan nog een paar campers. Vanuit hier bezoekt men de stad. Wij niet. Wij maken het ons gemakkelijk en gaan aan de slag om er zoveel mogelijk gieg’s doorheen te jagen. Het signaal is sterk en morgen gaan we Italië uit. Een paar gemiste DWDD’s en P&W’s passeren voordat we ten langen leste onze iBet-oogjes sluiten.

 

Zaterdag, 3 december 2011 – Dag Italië-en-I&F-dag en hallo SundA


 
Het reisschema voor de laatste dagen is inmiddels duidelijk. Maandagavond bezoeken we reisvrienden in Reims. En vandaag kunnen we eind van de middag terecht bij Susan und Adrian (SundA) in Zwitserland. Beide stellen hebben we ontmoet in Mongolië.

Geen getalm dus vanmorgen, we moeten een kilometer of 600 afleggen. Tegen tienen zitten we weer op de autosnelweg richting Bologna. Elf uur, blokertijd. We rijden een Parking op. Kunnen we ook nog even snuffelen naar wijn, olijfolie, Balsamico en andere Italiaanse lekkernijen. En wat staat daar? Yes, de Chausson van Ina & Frank! In hun (veel grotere) camper drinken we samen eigen koffies. Ze rijden als eerste weg.

 

 

Nog één keer dus rijden we hen voorbij. Dat zal dus wel de laatste keer zijn, want de reisschema’s gaan nu echt uit elkaar lopen.
Een groot deel van de route naar en voorbij Bologna is mooi en bergachtig. Het weer wordt van betrokken, mistig en miezerig. Modena, Parma en Milaan gepasseerd en hup daar is de grens.

 

ZWITSERLAND

 

Bij de grens vergeten we het vignet te kopen en we moeten een poosje geduld hebben voor er een pompstation opduikt. En hopen dat we niet gesnapt worden. Het weer is verbeterd en het zicht is toegenomen. Mooi dus met al die bergen en meren in Zwitserland. Het gaat vlot, er is weinig verkeer. De Gotthardtunnel is nog steeds 17 kilometer lang en het Waldstättermeer bezien we deze keer vanaf de oost-noord kant.

Keurig op de aangekondigde (want door de gps-dames uitgerekende) tijd arriveren we in Muri. Pal onder de Catholische Kirche inderdaad treffen we Adrian en Susan. Susan heeft een prachtig buikje. In februari verwachten ze hun eerste kindje, een dochter!
We hebben heel wat bij te praten sinds Ulaan Bataar (Mongolië) waar we juli 2010 afscheid van elkaar namen. En dat alles onder het genot van een Zwitserse raclet en Zwitserse witte wijn.
Terug in BusCa nemen we nog een uurtje voor we onder begeleiding van regen en torenklok lekker inslapen.

 

Zondag, 4 december 2011 – Sinterklaas

 

Het klokgebeier voor de vroegmis wekt ons. Na douchen, gezellig ontbijten, een (Zwitserse) BusCA Nespresso komen we rustig op gang door het vriendelijke grasgroene dal met verspreide chalets. Over de snelweg zijn we een uur later bij Basel. Het is er nog altijd een kwestie van cirkelen, dalen, stijgen, in- en uitvoegen op het knooppunt van snelwegen om direct daarna stapvoets de grens met Frankrijk te kunnen passeren.

 

FRANKRIJK
 
De zon is in Zwitserland achtergebleven en Frankrijk trakteert ons op wolken en motregen. Maakt niet uit. We stomen gewoon door richting Mulhouse, passeren Colmar en Straatsburg en richten ons op Metz. We stoppen alleen even voor een lunch (Franse frietjes, stukje vlees, salade) in een wegrestaurant en de iPod vermaakt ons vele kilometers.

Om kwart voor vier uur staan we aan en met vol zicht op de Moselle in Metz in een groot gezelschap  campers. Na een lange rijdag is het heerlijk om de stad in te wandelen. Als we om een uur of zes knus-in-de-bus zitten, hebben we van alles meegemaakt. Zoals gezellig met hordes Metzenaren wandelen door het winkel- en voetgangersgebied in de regen, over de markt slenteren, een cappuccino genieten, de kerststal in de Kathedraal bewonderen en … jawel … de intocht van Saint Nicolas mee maken. Een agent is wat trots om ons te kunnen vertellen, dat Metz een traditie heeft rond de verjaardag van de Goedheiligman. En nog meer, dat deze traditie uitwaaiert over Frankrijk. Hij kijkt enigszins verstoord, als G hem uitlegt dat we in NL al eeuwenlang Sinterklaas vieren. Oeps!  

Vandaag is er een optocht, waarin ook Sint en Zwarte Piet hun opwachting maken.
Vooraf gegaan door een politieauto met zwaailicht, motoragenten en gewichtige vrijwilligers die het publiek aan de kant van de smalle straten proberen te houden, is daar de eerste muziekband. Swingend spelen ze kerstliedjes (!). De regen komt met bakken naar beneden, maar de mannen, die zo kunnen mee marcheren in het leger van Napoleon, geven geen krimp. Wij wel en steeds meer als de regen onze nekken indruppelt en paraplu’s onze ogen nog net niet uitsteken. Drie wagens wachten we af. Dat is: een traktor met aanhangwagen waarop een tafereel. Wat daarop wordt uitgebeeld is een vrij grote gemene deler van carnaval, kerst en sinterklaas, zoals wij dat kennen. Vanaf de aanhangers delen schattige kleumende in plastic verpakte kindjes snoepjes uit. Tussen iedere wagen marcheert een muziekband.

We wringen ons uit de drukte en als we om zes uur lekker aan de thee zitten, klinkt het vuurwerk als slotstuk van het sinterklaasgebeuren. Zo, nu kunnen ook alle Metzenaren lekker naar de warme kachel.
En wij hebben een hele avond de tijd om aan de laatste update van deze trip te werken.

 

Maandag, 5 december 2011 - Reims-avond

 

Om ons heen manoeuvreren de joekels van campers zich een uitweg tussen de volop parkerende Metzenaren. De zon is vanmorgen ruimhartig. Samen met ons kacheltje hebben we het aangenaam. De ochtend gaat heen met uitkijken over de Moselle en werken aan de update.
We lunchen in een wegrestaurant, waarbij zowel BusCA als G’s ego een deuk oplopen. Het wordt een lange gezellige Franse avond bij Joëlle en René in Reims voor we onze laatste BusCA-nacht beleven.

 

Dinsdag, 6 december 2011 – Thuis!


Na een Frans ontbijtje, uren informatie-uitwisseling en een BusCA-toer rijden we in een keer door BELGIË, langs Brussel en Antwerpen, NEDERLAND en de regen in. Via Breda bereiken we om half zes ons Domstadjie, Utrecht. In totaal reden we uit-en-thuis 8.390 km.


TOY knipoogt naar ons als we BusCA parkeren. Die weet: mijn tijd komt nog wel!